Hoe muziek, keuzevrijheid en ‘eigen taal’ mbo-studenten meer grip geven op hun welzijn

De druk op mbo-studenten is groot: prestatiestress, onzekerheid, volle agenda’s en het voortdurende gevoel dat alles tegelijk moet. Het practoraat Gezondheid, Sport en Bewegen van Landstede MBO onderzocht hoe dat anders kan: hoe je ruimte creëert voor welzijn dat studenten echt vóelen, in plaats van dat ze er alleen over praten.

 

Docentonderzoeker Judith Schutte onderzocht hoe creatieve, laagdrempelige interventies -van muziek tot spel en van beweging tot expressieve taal- de gezondheid van studenten kunnen versterken. Het begon als een vervolg op een onderzoek van zes ROC’s naar Positieve Gezondheid in het mbo, maar groeide uit tot iets veel persoonlijkers en verrassender. ‘Ik ontdekte hoe belangrijk taal is,’ zegt ze. ‘Niet míjn taal, maar die van studenten. Als je de juiste ingang kiest, zijn ze heel open en volgen er mooie gesprekken. Muziek was de sleutel. Dat was een verrassing voor mij.’

Van onderzoeksvraag naar echte gesprekken

Aanvankelijk was het doel helder: studenten niet alleen laten leren over gezondheid, maar het ook echt laten ervaren. Want uit het onderzoek naar Positieve Gezondheid bleek iets opvallends: studenten leren over welzijn, maar voelen het zelf lang niet altijd zo. ‘Dat intrigeerde me,’ vertelt Judith. ‘De studenten zeiden letterlijk: “Positieve Gezondheid is belangrijk, maar wij hebben dat zelf niet nodig.” Dat vond ik zó’n bijzondere conclusie. Want natuurlijk geldt welzijn óók voor henzelf.’ Dus bleef ze vragen, zoeken en experimenteren. Ze probeerde enquêtes, praatplaten, workshops, bordspellen en andere activiteiten. Sommige dingen sloegen aan, andere totaal niet.

Pas toen ze studenten vroeg drie muziekstukken mee te nemen die voor hen belangrijk waren, gebeurde er iets onverwachts. ‘Ik had per student een uur uitgetrokken, maar aan de hand van de muziek hadden we al binnen twintig minuten diepgaande gesprekken. Over verdriet, druk, herinneringen, kracht. Studenten die ik nauwelijks kende, vertelden dingen die ze anders nooit hadden gedeeld. Zo zei een student: “Als ik verdrietig ben, zet ik muziek op zodat ik even kan huilen. En als ik het niet wil voelen, kies ik het tegenovergestelde.” Een andere student legde prachtig uit: “In de Efteling heeft elke attractie zijn eigen muziekje. Zo zie ik dat ook bij mensen. Iedereen heeft zijn eigen muziekje.” Dat vond ik zo mooi. Dat soort inzichten hoor je niet als je alleen maar abstracte vragen stelt.’

Beeld, muziek, spel

Uit alles wat Judith verzamelde, kwam één ding glashelder naar voren: studenten hebben geen moeite met reflecteren, zolang het maar mag in hún taal. Die taal kan muziek zijn, een spel, een afbeelding, een metafoor, een moment van beweging, een speelse opdracht. Maar niet formele termen als “mentaal welbevinden”, “zingeving” en ‘kwaliteit van leven”. ‘Ze weten precies wat ze nodig hebben,’ zegt Judith. ‘Ze duiden het alleen niet in onze woorden. En dat is prima. Wij moeten ruimte maken voor hún taal.’ Daarmee wordt Positieve Gezondheid geen model, maar een gevoel.

Wat echt werkt

Uit het Positief & Gezond Café, zoals het project heette, kwamen terugkerende patronen. ‘Keuzevrijheid werkt’, zegt Judith. ‘Niet moeten, maar kiezen wat bij je past; dat vergroot eigenaarschap en motivatie. Creatieve, fysieke en speelse werkvormen verlagen drempels.

Spel, muziek, beweging en expressieve opdrachten wekken positieve emoties op en versterken de veerkracht.’ Ze ontdekte ook dat studenten jongerenwerkers en ervaringsdeskundige peers sneller vertrouwen dan docenten, omdat die elkaars taal spreken. ‘Toch staat of valt het succes met de docent die het uitvoert. Dezelfde activiteit kan een doorslaand succes zijn bij de één en totaal mislukken bij de ander. Als het niet jouw ding is, voelt een klas dat meteen.’ En als laatste stelt Judith dat welzijn terug moet in het curriculum; niet als bijvak, maar verweven. ‘Kleine bewegingsmomentjes, muziek als concentratie-instrument, speelse reflectieopdrachten en echte ontmoetingen met boardgames, silent disco’s of bijvoorbeeld een complimentenronde. Zelf wandel ik regelmatig met mijn doorstartklas. Eerst vonden ze het maar niks, maar nu vragen ze zelf of we weer een rondje gaan lopen.’

Symptoombestrijding of oorzaakaanpak?

Op de vraag of deze aanpak niet alleen de symptomen bestrijdt van het tanende gevoel van welzijn van de studenten antwoordt Judith: ‘Hiermee pakken we ook de oorzaak aan. We leren studenten weer voelen wat ze nodig hebben, en dat geeft ruimte. Je hoeft niet te rennen om bij te blijven. Soms helpt één rustmoment meer dan tien adviezen. En dat werkt door in concentratie, motivatie, verbinding, zelfvertrouwen en hoe studenten met elkaar en anderen omgaan. Want wie zichzelf begrijpt, begrijpt een ander beter.’

Music was my first love

Het vervolg is al begonnen met het project Music was my first love, waarvoor het team een Comeniusbeurs kreeg. ‘Met het project onderzoeken we hoe muziek kan helpen bij concentratie en persoonlijke ontwikkeling. Ook kijken we of het beter werkt in groepen, duo’s of juist individueel, en wat het doet voor verbinding in de klas’, legt Judith uit. Er wordt gewerkt aan workshops, lessen, activiteiten. ‘En we kijken ook naar de mogelijkheid om een documentaire te maken waarin studenten hun eigen verhaal kracht bij zetten. Want een rapport leest bijna niemand, maar een film kan iedereen inspireren.’

Oproep voor het onderwijs

Judiths boodschap is duidelijk. ‘‘Geef studenten de ruimte om zichzelf te zijn, om hun eigen taal te spreken. Wij hoeven die van hen niet te spreken, maar moeten hen de mogelijkheid geven om zich op hun eigen manier te uiten. Het gaat niet om een nieuw project met checklist, maar om een mentaliteit: Positieve Gezondheid als omgangsvorm in een omgeving waar je welzijn kunt ervaren. Dat begint klein en kan in elke les, als je het maar belangrijk genoeg vindt.’

Het wetenschappelijke artikel is hier terug te vinden.

 

Enkele suggesties

Een paar concrete dingen die je morgen al kunt proberen:

  • Vraag studenten welk muzieknummer hen blij maakt of een speciale betekenis voor hen heeft, en maak de vertaling naar het werkveld.
  • Bespreek welke rol muziek speelt in het betreffende werkveld (in winkels, hotels, bij sport, in de zorg: bijna overal wordt wel gebruik gemaakt van muziek).
  • Laat ze een wandeling maken met gesprekskaartjes.
  • Gebruik afbeeldingen of metaforen in plaats van abstracte termen.
  • Bouw korte beweegpauzes in.
  • Laat studenten zelf activiteiten kiezen of bedenken.
  • Nodig een jongerenwerker of ervaringsdeskundige in de school uit.
  • Maak ruimte voor complimenten en positieve emoties.

Klein en laagdrempelig, maar van grote waarde.